God met ons

Zondag begint de Adventsti­jd, en daarmee waarschi­jn­lijk ook de kerst-stress voor alle moed­ers in Enge­land die hun gezin met vol­doende eten, cadeaut­jes en ver­sierin­gen de kerst door moeten lood­sen. Dit jaar voor ons geen Christ­mas Car­ols en High Street shop­ping, want wij vieren kerst in Chili.

De komst van God als kleine baby wordt in Johannes 1 beschreven als “Het Woord is sarx gewor­den.” De NBV ver­taalt deze tekst als “Het Woord is mens gewor­den”, maar in de ver­taalaan­teken­ing wordt gezegd dat de ver­tal­ing van het woord sarx lastig is: “In dit vers wordt uitge­drukt dat het Woord mater­iële vorm aan­neemt (…) ‘het Woord’ werd deel van de stof­fe­lijke wereld.”

Met deze uit­leg denk ik dat de uit­drukking sarx niet beperkt is tot mensen. Andrew Linzey stelt dat God met de incar­natie Ja zegt tegen de hele schep­ping. Als we dit gaan inperken tot alleen de men­sheid, zouden we ook vrouwen en niet-Joden kun­nen uit­sluiten omdat Jezus een Joodse man was. Een andere the­oloog die dit zegt, is Nico­la Hog­gard Cree­gan: “Jezus nam menselijk vlees aan, maar daarmee bewoont hij ook het vlees van de aarde. Voor zover niet-menselijke dieren een lij­dend-bewustz­i­jn delen met mensen, is het ook gedeeld door de Mensen­zoon.”

Deze meer holis­tis­che blik op de incar­natie geeft ons zicht op de ver­loss­ing van de hele schep­ping. Alles is door Chris­tus gemaakt, en alles in de hemel en op aarde zal onder Hem wor­den samenge­bracht (Efeze 1:10). In het onovertrof­fen proza van C.S. Lewis:

God komt naar bene­den, afdal­end van de hoogten van het absolute zijn tot het niveau van ruimte en tijd, tot mens-zijn; nog dieper zelfs, als de embry­olo­gie het goed ziet, tot het reca­pit­uleren van oude, voor­menselijke lev­ens­fasen in de baar­moed­er; hele­maal tot de wor­tels en de bed­ding van de door God geschapen natu­ur. Maar God gaat onder om weer op te komen en de gehele ver­woeste wereld mee naar boven te nemen.

Ik hoop dat we als chris­te­nen min­der geob­sedeerd zullen zijn door onszelf, en steeds meer zullen ont­dekken dat Gods liefde de hele schep­ping omvat. Het baby’tje in de voeder­bak, tussen de koeien in de stal, kan ons dit jaar miss­chien inspir­eren tot een ker­st­din­er waar geen dieren voor gele­den hebben.

Bron­nen